mentoren

Een mentor helpt je verder

Pas afgestudeerde interieurarchitecten kunnen kandidaatlid worden van de BNI. Als kandidaatlid betaal je weinig contributie en kan je een beroep doen op een BNI-mentor. Het mentorschap is bedoeld om jonge leden te begeleiden en te ondersteunen in de eerste jaren na hun opleiding. Ben je kandidaatlid? Neem eens contact op met een mentor uit je regio.


Frans Pijpers over het mentorschap

"Al vijftien jaar ben ik met KANZIE ontwerpers & makers actief in diverse ontwerpdisciplines. Vanuit deze ervaring werd ik enige jaren geleden mentor voor de regio zuid. Als BNI-mentor moet je over ruime ervaring beschikken. Niet alleen met het beroep interieurarchitect, maar ook met de algemene bedrijfsvoering van een ontwerpbureau. Een mentor is bovendien een vertrouwenspersoon, die graag zijn kennis en kunde deelt met jonge leden. De kwaliteit van de beroepsgroep is afhankelijk van de kwaliteit van de leden. Een mentor heeft hier rechtsreeks zicht op en fungeert hierdoor ook als kwaliteitsbewaker.

Los hiervan is er ook nog de persoonlijke invulling van het mentorschap door de verschillende mentoren. Ik wil bijvoorbeeld kandidaat-leden geenszins ‘aan het handje’ nemen. Ik merk dat de vraag om ondersteuning vaak het gemis blijkt te zijn aan een sparringpartner. Pas afgestudeerden missen de feedback die ze op de academie kregen en vragen om een bevestiging van hun gedachten. Of het tegengestelde...

Veel vragen van kandidaat-leden hebben te maken met zaken als het Bouwbesluit, Nen-normen en bouwkunde. Aan een verbouwing hangen nu eenmaal een aantal externe randvoorwaarden (lees regels) die wettelijk verplicht zijn. Het is opmerkelijk dat hieraan tijdens de studie weinig aandacht besteed wordt.
Soms vragen kandidaat-leden ondersteuning in de ontwerpfase van een project. Hier krijgt het lid zijn eerste contact met een welstandscommissie en een overheid. Enige praktische tips zijn dan vaak voldoende om deze fase succesvoller te laten verlopen.
Als er eenmaal contact is met een kandidaat-lid, blijft dit ook. In meer of mindere mate ontstaat een gevoel van verbondenheid. En in feite zijn we dat ook door ons lidmaatschap van de BNI.

Hoewel de meerderheid van de in Limburg werkende ontwerpers voldoet aan de criteria om lid te worden van de BNI, kent Limburg een relatief kleine dichtheid van BNI-interieurarchitecten. Ontwerpers willen vaak niet bij een ‘clubje’ horen omdat dat de onafhankelijkheid zou aantasten…? Dit laatste wil ik ontkrachten door mijzelf als voorbeeld te stellen. Als collectief sta je voor je beroepsgroep en als individu voor jezelf! Binnen het kader van de gedragsregels is plaats voor elk individu, mits je interieurarchitect bent natuurlijk."