Ingezonden brief n.a.v. artikel Intern

29-10-2015

bni-lid Kees Spanjers reageert op het interview met Jurgen Bey dat onlangs verscheen in Intern #3 2015.  De aanleiding is de reactie van Bey op de discussie rondom de titelwet. 
Wil je reageren? Plaats een reactie onder het artikel.

Open deur


Het is natuurlijk een beetje vreemd dat de directeur van een belangrijke onderwijsinstelling die opleidt tot interieurarchitect, en die ook nog voorzitter is van de prijs voor de beste net afgestudeerde interieurarchitect, in het blad van de beroepsvereniging van interieurarchitecten laat optekenen dat hij niets begrijpt van de discussie rondom de ‘bescherming van het vak’. “Je kan het vak niet beschermen door er een hek omheen te zetten. Dat hek is een belemmering”, zo vervolgt hij. Hij doelt waarschijnlijk op de titelwet voor interieurarchitecten, en de ophef rond de voorgenomen afschaffing daarvan.

Nu is Jurgen Bey een begenadigd productontwerper, die zich ook op het vlak van interieurontwerp en architectuur begeeft. Dat mag. Graag zelfs. De titelwet voor architecten en interieurarchitecten legt hem daarbij geen stroobreed in de weg. Dat er geen hek om het vakgebied staat bewijst hij dus met zijn eigen werk. Waarom is het dan toch vreemd dat juist hij het belang van de titelwet voor interieurarchitecten niet ziet, en zelfs openlijk stelling neemt in de discussie daarover? Het lijkt er op dat ook hij van mening is dat de titelwet er vooral is om de interieurarchitecten te beschermen. Waartegen is niet helemaal duidelijk, wellicht tegen broodroof door andere ontwerpers en architecten?

Dat is natuurlijk niet zo. Geen enkele democratische overheid zal het in zijn hoofd halen een bepaalde groep of vakgebied te bevoordelen of rechten toekennen boven andere groepen, tenzij de veiligheid, gezondheid of het welbevinden van haar burgers in het geding is. De titelwet is dan ook niet in het leven geroepen om architecten of interieurarchitecten te bevoordelen of te beschermen, maar uit oogpunt van consumentenbescherming. En, meer algemeen, ter bevordering van de kwaliteit van de gebouwde omgeving. Door eisen te stellen aan de kwaliteit van de opleiding en beroepservaring van architecten en interieurarchitecten heeft de overheid een eenvoudig instrument in het leven geroepen om precies dat te bereiken wat Bey bepleit; verantwoordelijke ontwerpers die verder kijken dan de realiteit of de portemonee van hun opdrachtgever, die waarde creëren (vooral ook immaterieel) en vanuit een duidelijke positie samenwerken met andere disciplines. En die daarbij vernieuwing, onderzoek en experiment niet uit de weg gaan.

Bey signaleert terecht dat de ontwerpdiscipline volwassen geworden is. Dat geldt zeker ook voor interieurarchitectuur. De titelwet is daarbij geen belemmerend hek, maar juist een uitdaging om het vakgebied verder te ontwikkelen en te verdiepen. Het is aan Bey als opleider die open deur vorm te geven en waar te maken.

Kees Spanjers

Wil je reageren? Plaats een reactie bij het artikel.